Handgemaakte sieraden van aardewerk, geïnspireerd door de natuur

 

SiliKaat

SiliKaat staat voor “Sieraden met liefde gemaakt door Kaatje”. SiliKaat sieraden zijn sieraden gemaakt door mijzelf van aardewerk en glazuur, en geïnspireerd door de natuur. Ik maak mijn sieraden met de hand, in mijn werkplaats in het Zeeuwse Oudelande. Wonend en werkend in deze zilte provincie, maar ook tijdens mijn werk als zeebioloog op de Waddenzee, vormt de zee en haar bewoners een continue inspiratiebron. Op deze manier combineer ik mijn liefde voor de natuur in mijn werk als zeebioloog en kunstenares.

 

Materiaal

De sieraden zijn gemaakt van natuurlijke materialen. Klei vormt daarin de basis. Klei bestaat uit kleine deeltjes die door regenwater, wind en rivieren zijn afgeschuurd van rotsen en kleinere stenen en via rivieren worden getransporteerd richting de zee. De deeltjes worden afgezet langs de rivieren, riviermondingen en de zeekust in soms dikke lagen, dikke kleipakketten. De klei die wordt gebruikt voor aardewerk is vaak klei die al lang geleden is afgezet, bijvoorbeeld in het Holoceen, zo’n 10.000 jaar geleden. Het bestaat vooral uit aluminiumoxide en siliciumoxide. Als er voldoende water in de klei aanwezig is, kan de klein gevormd worden in allerlei vormen. Door de klei bij een hoge temperatuur te bakken (900 – 1100°C) wordt de klei eerst uitgedroogd en dan verhard. Na het bakken wordt het sieraad gedecoreerd met glazuur. Ook glazuur is in de basis een natuurproduct. De hoofdgrondstof is siliciumoxide dat in zand en kwarts te vinden is. Door de glazuur te verhitten (950 - 1050°C) verglaast het waardoor zich een gladde laag vormt. Glazuur dient dus niet alleen ter decoratie maar ook om het aardewerk sterker te maken en te beschermen.

 

Inspiratie

 

Als kind was ik er al dol op om de natuur in te trekken. Vaak in mijn eentje, soms met zusje op sleeptouw (nog even kijken wat er voorbij die bocht is, dán gaan we terug!), en soms ’s ochtends vroeg bij opkomende zon samen met mijn vader. Hoewel ik ver van de zee ben opgegroeid, namelijk in het Friese Heerenveen, was ik toch al jong gefascineerd door de zee. Misschien zit het wel in mijn bloed, want mijn voorvaderen trokken met tjalken vanuit Groningen de Noordzee op om handel te drijven. In mijn jeugd bracht ik veel tijd door op de Friese meren. Als student mariene biologie leerde ik een leuke jongen kennen die me liet zien en ervaren hoe heerlijk het kan zijn om in bossen en bergen te dwalen. Ik ben met die jongen getrouwd en Daniël en ik brengen nu al onze vakanties door in de bossen van de Ardennen en de bergen van Frankrijk, Spanje en Italië. Na mijn studie in Groningen ging ik een promotie onderzoek doen naar de Japanse oester, en daarvoor verhuisde ik in 2002 van het hoge noorden naar Zeeland. Hoewel werken als doctor in de mariene biologie in de praktijk veel kantoorwerk betekent, brengt mijn werk me gelukkig ook heel veel in de Westerschelde, Oosterschelde en de Waddenzee waar ik onderzoek doe naar schelpdieren. De natuur is mooi, wild, weids, eerlijk, en maakt me gelukkig. Door het maken van draagbare stukjes natuur, in de vorm van sieraden, hoop ik anderen te herinneren aan de schoonheid van de natuur en het geluk dat daarin te vinden is.

 

De sieraden

Ik ben begonnen met het maken van hangers. Geleidelijk aan probeer ik dat uit te bouwen naar armbanden en oorbellen. Het grootste deel van de sieraden is gevormd door het maken van afdrukken van planten en dieren, vooral schelpen, uit de natuur. Dat is nog niet zo gemakkelijk als het misschien klinkt. Voor een mooie afdruk mag een object niet te dun zijn, niet te kwetsbaar, maar ook niet te dik of complex van vorm. Ook moet de uiteindelijke compositie mooi zijn. Van schelpen maak ik meestal een gipsen afdruk die ik gebruik als mal. Vervolgens vorm ik de achterkant van de hanger, met het oog waar koord of spang door geregen wordt, met de hand.